Media:

Press Reviews
Interviews

Discography:

Colours (1998)
Geographic
(1999)

Docking (2000)
Human (2002)
Closer (2004)

One out of Five

 

Interviews:
English version: click here !


Interview By Paul Rijkens

DE STUDIO ALS THUIS
Frank Van Bogaert maakt muziek die een perfecte mix bevat tussen prachtige emotionele orkestrale EM en mooie moderne sfeervolle popmuziek met etnische invloeden. Naast is hij een prima componist en een uitstekende toetsenist. Zijn vijfde album “Closer” verscheen onlangs op het Groove-label en bevat wederom een bevestiging van zijn grote kwaliteiten. De vriendelijke Vlaming heeft dan ook veel te vertellen waarbij het grappig is om er achter te komen, hoeveel de inhoud van zijn platenkast overeenkomt met die van de interviewer.


Wat kun je vertellen over je muzikale achtergronden? Hoe is het allemaal begonnen?
“Inmiddels houd ik me zo’n 25 jaar met muziek bezig. Mijn eerste band was 1000 Ohm in het begin van de jaren ’80, een soort Vlaamse Depeche Mode. Met deze groep heb ik zeven jaar gewerkt en dit beschouw ik als m’n scholings-jaren.Nadat we in 1987 uit elkaar zijn gegaan, ben ik in de studio blijven hangen. De studio is mijn thuis geworden. Hier verdien ik ook mijn geld mee. Van de CD’s die ik uitbreng, kan ik niet leven.”
Het valt me op dat jouw muziek een grote emotionele lading heeft. Hoe komt deze tot stand?
“Het is geen trucje van me. Het lukt me gewoon om mijn gevoelens via mijn armen naar de piano over te brengen. Ik laat mijn gevoel gaan. Of ik een romanticus ben? From time to time. Maar verwar a.u.b. romantiek niet met Richard Claydermaneske toestanden. Romantiek is voor mij bv.genieten van een prachtig natuur-landschap.
Wat inspireert je tot het maken van je muziek?
“Verschillende gemoedstoestanden. Wat ik erg belangrijk vind, is dat dit soort muziek niet genoeg meer wordt gemaakt. Daarom zie ik het als mijn opdracht om dit te doen: ik moet het maken. Dat is mijn drijfveer.”
Je muziek heeft duidelijk trekken van die van Vangelis. Betekent hij muzikaal veel voor je?
“Heel veel. Met zijn muziek ben ik opgegroeid. Mijn keuze om met synthesizers te gaan werken, komt door hem. Ik speelde reeds gitaar en piano toen ik op gegeven moment “Albedo 0.39” hoorde (ik moet 14 jaar geweest zijn) Het was een openbaring voor me. Bij deze muziek voelde ik me goed.”
Ik hoor in jouw muziek ook verwijzingen naar de “world-EM” van bijvoorbeeld Deep Forest maar ook naar de muziek uit de jaren ‘80.
“Ik ben een kind van de jaren ’80 hé,het zit gewoon in m’n bloed. Er staat bv.een track op “Closer”, “Dans (da:ns)”.Deze song is very eighties en ligt zowat in het verlengde van wat ik op het eind met 1000 Ohm deed. Het heeft ook een soort sfeertje van het Yellow Magic Orchestra maar dan in een ander jasje.”
Wat bedoel je precies met de titel “Closer”?
“Het is mijn meest emotioneel geladen plaat tot op heden geworden. Het is een “warme” schijf geworden. Zoals ik net al aangaf: ik ben gevoelig doch niet sentimenteel.”
Op de CD staat de track “Rorogwela”, een traditional van de Solomon Eilanden die eerder is bewerkt door Deep Forest en Jan Garbarek. Hoe ben je er bij gekomen om dit stuk op te nemen?
“Ik hoorde de melodie voor het eerst toen Deep Forest het gebruikte en vond het fantastisch. Ik wilde het toen al bewerken maar omdat ik dacht dat de compositie van hen was, ben ik er niet aan begonnen. Pas nadat ik twee jaar geleden de versie van Jan Garbarek hoorde, kwam ik er achter dat het een traditional was en besloot toen er een “Van Bogaert” arrangement op te plakken. Je moet altijd opletten met bewerkingen: Deep Forest heeft grote juridische problemen gehad vanwege het feit dat ze de tekst en gezangen gesampled hadden van een Unesco opname. Dat heeft hun ,zelfs met een in der minne schikking, heel wat geld gekost. De melodie zelf daarentegen is wel “vrij” en kun je gebruiken.”
Gelet op de etnische invloeden in je muziek: reis je veel?
“Nee. Deze invloeden hebben te maken met het feit dat ik in mijn studio veel werk met etnische muziek. Ik laat mij meesleuren door de verschillende culturen die hier binnenkomen.
Zo heb ik onlangs bijvoorbeeld drie dagen gewerkt met een Marokkaanse groep,recht uit de Sahara . Het was Ramadan en ik heb me dan ook aan hen aangepast (incl.niet eten bij daglicht ). Een week daarvoor werkte ik dan weer met een Hongaars zigeuner orkest. Dit maakt je muzikale invloeden dus bijzonder kleurrijk. Ook heb ik een grote collectie platen van allerlei muziekstijlen. Ik kan mij niet voorstellen dat je slechts naar één soort muziek luistert. Muzikale diversiteit verrijkt je leven.”

Wat ik bij jouw muziek een verschil vind met vele andere EM, is dat jij weliswaar veel techniek gebruikt maar de techniek niet overheersend laat zijn. Jij kan ook “gewoon” achter de piano gaan zitten en op die manier muziek maken.
“Meestal componeer ik achter de piano. Het is belangrijk dat de nummers die je componeert overeind blijven zonder de technologie. Ik kan het meeste van mijn muziek dan ook volledig,zeg maar “Unplugged” alleen op de piano uitvoeren. En nee, ik heb geen klassieke opleiding gehad.
Natuurlijk werk ik ook wel vanuit sounds of een sequence maar de melodieën die op de piano werden gecomponeerd staan meestal centraal. De ideeën die ik achter de piano krijg, verwerk ik in de computer. Momenteel gebruikt ik Logic Pro voor de midi programmatie en Pro-Tools voor de opname.
Mijn muziek dient bij mij te groeien tot m’n eigen tevredenheid; ik breng niet alles uit wat ik opneem, gooi soms dingen weg.”
Welke instrumenten gebruik je? Volg je de ontwikkelingen op dit terrein?
“Absoluut: ik blijf bij, ben er constant mee bezig en ga ook mee. De ontwikkeling van virtuele synthesizers vind ik interessant; sommige zijn erg goed. Ik bezit ook vrij veel oude apparaten. Op “Closer” hoor je op ieder nummer bijvoorbeeld wel de Roland Juno 106 of de Yamaha CS70 .
Veel mensen denken dat ik de CS80 gebruik, dat is ook een van de redenen dat mijn muziek wordt vergeleken met die van Vangelis. Verder heb ik nog een Yamaha CS5, Roland SH2, een Sequential Cirquits Prophet 5 ,etc..maar vooral 3 E-mu samplers. Die laatste zijn m’n werkpaarden zeg maar, en “I know them by heart”.
Ik vind jouw muziek bijzonder beeldend: het zou daarom dienst kunnen doen als filmmuziek. Heb je dit wel eens gemaakt en, zo niet, heb je ambities op dat gebied?
“Ik heb er ervaring mee: zo heb ik de muziek geschreven voor twee Vlaamse films en voor verscheidene TV-series Daarnaast maak ik ook regelmatig muziek voor commercials voor TV en radio. Dit soort muziek maken is een geheel andere discipline en ook zeer hard werken. Het is niet iets vanzelfsprekends. Als componist van filmmuziek dien je namelijk de beelden te ondersteunen,en nooit in de weg te zitten van die beelden,en dat is lang niet altijd gemakkelijk. Je dient ook regelmatig opnieuw te beginnen omdat de regisseur toch net een andere sfeer in z’n hoofd had.
Vaak heeft de muziek ook niet de stempel van de componist en heeft het weinig te maken met hetgeen je normaliter onder je eigen naam zou uitbrengen . Dat is bij mij ook lang niet altijd het geval, je werkt immers in opdracht hé !
De muziek voor de commercial van Lexus, een duur automerk, was daarop bv.dan een uitzondering,daar kon ik m’n eigen stijl op loslaten.
Zoals gezegd,goede filmmuziek hoeft niet echt op te vallen in een film.
Zo was ik samen met mijn vrouw naar de film “Gladiator” (muziek van Hans Zimmer en Lisa Gerrard-PR)gaan kijken en toen ik haar na afloop van de film vroeg naar de muziek was haar antwoord “Welke muziek”?”
Naar welke muziek luister je graag?
“Mijn smaak is erg breed: jazz, rock, pop, progrock, elektronisch. Eigenlijk van alles. Ik koop vrij veel CD’s en hierdoor krijg ik soms weer inspiratie van.”
In 2002 heb je opgetreden op het E-Live festival. Hoe is dit bevallen en wat vind je van dit soort festivals?
“Het was erg leuk om het optreden te doen. Het kostte veel voorbereidingstijd: je moet goed repeteren. Ik heb maar twee handen dus dien je te bepalen voor elke song apart wat je door de computer laat doen en wat niet. Een concert met een voltallige live band lijkt me interessant maar dan zullen de kosten uiteraard omhoog gaan. Tijdens E-Live 2002 werkte ik met een camera die op mijn handen gericht was. Tot op dat moment vond ik dat dit te weinig gedaan werd tijdens concerten. Nu zie je dat wel vaker. Dit soort festivals zijn erg belangrijk voor de scène. Vooral om contacten te leggen en/of te onderhouden. Mensen komen er niet meer louter om CD’s te kopen nu dat gemakkelijk gaat via het Internet. Daarentegen is Internet ook voor de elektronische muziek een onmisbare communicatiebron geworden.”
Hoe ben je terechtgekomen bij het Groove-label?
“Mijn eerste album “Colours” maakte ik in opdracht van Sony Belgium. Het moest een soort mix worden tussen Deep Forest en new age. Toen het project vorderde, werd het eigenlijk te elektronisch en ging de deal niet door. Ik ben er vervolgens zelf mee verder gegaan en heb de CD gedistribueerd. Aangezien Groove veel exemplaren van “Colours” voor me heeft verkocht en ze de grootste zijn op dit terrein, kwam ik bij hen terecht. Ron Boots werd bij me in de studio uitgenodigd toen ik aan “Geographic” werkte, was onder de indruk en sindsdien bij ik bij hen gebleven. Mijn platen lopen best goed: Groove dient steeds een tweede persing te laten maken. De samenwerking is goed: misschien gaan Ron en ik volgend jaar muzikaal iets samen doen.”

Heb je een bepaalde voorkeur als het om je eigen CD’s gaat?

Da’s een moeilijke !
“Ik zou nu natuurlijk moeten zeggen: de laatste maar ze zijn allemaal uit het hart gemaakt. “Geographic” was een beetje de doorbraak in het EM wereldje, maar ook “Docking” waarvan veel mensen zeggen dat ze die de beste vinden, “Human” is ook speciaal: een vrij opgewekte plaat.”
Tot nu toe zijn ze alle 5 anders en zal iedereen wel zijn favoriet hebben zeker ?
Jouw muziek neemt een vrij unieke plaats in de EM in. Wat vind je van de kwaliteit van de EM op dit moment en zie je lichtpunten?
“Ik zie zeker een toekomst voor deze muziek.Maar…. ik vind het wel belangrijk dat mensen niet oeverloos de Berlijnse School blijven kopiëren want dat heb ik zo langzamerhand wel gehoord. Iemand die bijvoorbeeld wel iets leuks doet met de invloeden uit de Berlijnse School is Gert Emmens. Het is volgens mij dus zeer belangrijk dat er reviewers zoals jij zijn die op een objectieve manier en met kennis van zaken voor de consument als het ware het kaf van het koren scheiden.”

 

 

Continued
Back to top
 E-mail: Frank Van Bogaert Copyright