| Interviews:

English
version: click here !
Interview By Paul Rijkens
DE STUDIO ALS THUIS
Frank Van Bogaert maakt muziek die een perfecte
mix bevat tussen prachtige emotionele orkestrale
EM en mooie moderne sfeervolle popmuziek met etnische
invloeden. Naast is hij een prima componist en een
uitstekende toetsenist. Zijn vijfde album “Closer”
verscheen onlangs op het Groove-label en bevat wederom
een bevestiging van zijn grote kwaliteiten. De vriendelijke
Vlaming heeft dan ook veel te vertellen waarbij
het grappig is om er achter te komen, hoeveel de
inhoud van zijn platenkast overeenkomt met die van
de interviewer.
Wat kun je vertellen
over je muzikale achtergronden? Hoe is het allemaal
begonnen?
“Inmiddels houd ik me zo’n 25 jaar met
muziek bezig. Mijn eerste band was 1000 Ohm in het
begin van de jaren ’80, een soort Vlaamse
Depeche Mode. Met deze groep heb ik zeven jaar gewerkt
en dit beschouw ik als m’n scholings-jaren.Nadat
we in 1987 uit elkaar zijn gegaan, ben ik in de
studio blijven hangen. De studio is mijn thuis geworden.
Hier verdien ik ook mijn geld mee. Van de CD’s
die ik uitbreng, kan ik niet leven.”
Het valt me op dat
jouw muziek een grote emotionele lading heeft. Hoe
komt deze tot stand?
“Het is geen trucje van me. Het lukt me gewoon
om mijn gevoelens via mijn armen naar de piano over
te brengen. Ik laat mijn gevoel gaan. Of ik een
romanticus ben? From time to time. Maar verwar a.u.b.
romantiek niet met Richard Claydermaneske toestanden.
Romantiek is voor mij bv.genieten van een prachtig
natuur-landschap.
Wat inspireert je
tot het maken van je muziek?
“Verschillende gemoedstoestanden. Wat ik erg
belangrijk vind, is dat dit soort muziek niet genoeg
meer wordt gemaakt. Daarom zie ik het als mijn opdracht
om dit te doen: ik moet het maken. Dat is mijn drijfveer.”
Je muziek heeft duidelijk
trekken van die van Vangelis. Betekent hij muzikaal
veel voor je?
“Heel veel. Met zijn muziek ben ik opgegroeid.
Mijn keuze om met synthesizers te gaan werken, komt
door hem. Ik speelde reeds gitaar en piano toen
ik op gegeven moment “Albedo 0.39” hoorde
(ik moet 14 jaar geweest zijn) Het was een openbaring
voor me. Bij deze muziek voelde ik me goed.”
Ik hoor in jouw muziek
ook verwijzingen naar de “world-EM”
van bijvoorbeeld Deep Forest maar ook naar de muziek
uit de jaren ‘80.
“Ik ben een kind van de jaren ’80 hé,het
zit gewoon in m’n bloed. Er staat bv.een track
op “Closer”, “Dans (da:ns)”.Deze
song is very eighties en ligt zowat in het verlengde
van wat ik op het eind met 1000 Ohm deed. Het heeft
ook een soort sfeertje van het Yellow Magic Orchestra
maar dan in een ander jasje.”
Wat bedoel je precies
met de titel “Closer”?
“Het is mijn meest emotioneel geladen plaat
tot op heden geworden. Het is een “warme”
schijf geworden. Zoals ik net al aangaf: ik ben
gevoelig doch niet sentimenteel.”
Op de CD staat de
track “Rorogwela”, een traditional van
de Solomon Eilanden die eerder is bewerkt door Deep
Forest en Jan Garbarek. Hoe ben je er bij gekomen
om dit stuk op te nemen?
“Ik hoorde de melodie voor het eerst toen
Deep Forest het gebruikte en vond het fantastisch.
Ik wilde het toen al bewerken maar omdat ik dacht
dat de compositie van hen was, ben ik er niet aan
begonnen. Pas nadat ik twee jaar geleden de versie
van Jan Garbarek hoorde, kwam ik er achter dat het
een traditional was en besloot toen er een “Van
Bogaert” arrangement op te plakken. Je moet
altijd opletten met bewerkingen: Deep Forest heeft
grote juridische problemen gehad vanwege het feit
dat ze de tekst en gezangen gesampled hadden van
een Unesco opname. Dat heeft hun ,zelfs met een
in der minne schikking, heel wat geld gekost. De
melodie zelf daarentegen is wel “vrij”
en kun je gebruiken.”
Gelet op de etnische
invloeden in je muziek: reis je veel?
“Nee. Deze invloeden hebben te maken met het
feit dat ik in mijn studio veel werk met etnische
muziek. Ik laat mij meesleuren door de verschillende
culturen die hier binnenkomen.
Zo heb ik onlangs bijvoorbeeld drie dagen gewerkt
met een Marokkaanse groep,recht uit de Sahara .
Het was Ramadan en ik heb me dan ook aan hen aangepast
(incl.niet eten bij daglicht ). Een week daarvoor
werkte ik dan weer met een Hongaars zigeuner orkest.
Dit maakt je muzikale invloeden dus bijzonder kleurrijk.
Ook heb ik een grote collectie platen van allerlei
muziekstijlen. Ik kan mij niet voorstellen dat je
slechts naar één soort muziek luistert.
Muzikale diversiteit verrijkt je leven.”
Wat ik bij jouw muziek
een verschil vind met vele andere EM, is dat jij
weliswaar veel techniek gebruikt maar de techniek
niet overheersend laat zijn. Jij kan ook “gewoon”
achter de piano gaan zitten en op die manier muziek
maken.
“Meestal componeer ik achter de piano. Het
is belangrijk dat de nummers die je componeert overeind
blijven zonder de technologie. Ik kan het meeste
van mijn muziek dan ook volledig,zeg maar “Unplugged”
alleen op de piano uitvoeren. En nee, ik heb geen
klassieke opleiding gehad.
Natuurlijk werk ik ook wel vanuit sounds of een
sequence maar de melodieën die op de piano
werden gecomponeerd staan meestal centraal. De ideeën
die ik achter de piano krijg, verwerk ik in de computer.
Momenteel gebruikt ik Logic Pro voor de midi programmatie
en Pro-Tools voor de opname.
Mijn muziek dient bij mij te groeien tot m’n
eigen tevredenheid; ik breng niet alles uit wat
ik opneem, gooi soms dingen weg.”
Welke instrumenten
gebruik je? Volg je de ontwikkelingen op dit terrein?
“Absoluut: ik blijf bij, ben er constant mee
bezig en ga ook mee. De ontwikkeling van virtuele
synthesizers vind ik interessant; sommige zijn erg
goed. Ik bezit ook vrij veel oude apparaten. Op
“Closer” hoor je op ieder nummer bijvoorbeeld
wel de Roland Juno 106 of de Yamaha CS70 .
Veel mensen denken dat ik de CS80 gebruik, dat is
ook een van de redenen dat mijn muziek wordt vergeleken
met die van Vangelis. Verder heb ik nog een Yamaha
CS5, Roland SH2, een Sequential Cirquits Prophet
5 ,etc..maar vooral 3 E-mu samplers. Die laatste
zijn m’n werkpaarden zeg maar, en “I
know them by heart”.
Ik vind jouw muziek
bijzonder beeldend: het zou daarom dienst kunnen
doen als filmmuziek. Heb je dit wel eens gemaakt
en, zo niet, heb je ambities op dat gebied?
“Ik heb er ervaring mee: zo heb ik de muziek
geschreven voor twee Vlaamse films en voor verscheidene
TV-series Daarnaast maak ik ook regelmatig muziek
voor commercials voor TV en radio. Dit soort muziek
maken is een geheel andere discipline en ook zeer
hard werken. Het is niet iets vanzelfsprekends.
Als componist van filmmuziek dien je namelijk de
beelden te ondersteunen,en nooit in de weg te zitten
van die beelden,en dat is lang niet altijd gemakkelijk.
Je dient ook regelmatig opnieuw te beginnen omdat
de regisseur toch net een andere sfeer in z’n
hoofd had.
Vaak heeft de muziek ook niet de stempel van de
componist en heeft het weinig te maken met hetgeen
je normaliter onder je eigen naam zou uitbrengen
. Dat is bij mij ook lang niet altijd het geval,
je werkt immers in opdracht hé !
De muziek voor de commercial van Lexus, een duur
automerk, was daarop bv.dan een uitzondering,daar
kon ik m’n eigen stijl op loslaten.
Zoals gezegd,goede filmmuziek hoeft niet echt op
te vallen in een film.
Zo was ik samen met mijn vrouw naar de film “Gladiator”
(muziek van Hans Zimmer en Lisa Gerrard-PR)gaan
kijken en toen ik haar na afloop van de film vroeg
naar de muziek was haar antwoord “Welke muziek”?”
Naar welke muziek
luister je graag?
“Mijn smaak is erg breed: jazz, rock, pop,
progrock, elektronisch. Eigenlijk van alles. Ik
koop vrij veel CD’s en hierdoor krijg ik soms
weer inspiratie van.”
In 2002 heb je opgetreden
op het E-Live festival. Hoe is dit bevallen en wat
vind je van dit soort festivals?
“Het was erg leuk om het optreden te doen.
Het kostte veel voorbereidingstijd: je moet goed
repeteren. Ik heb maar twee handen dus dien je te
bepalen voor elke song apart wat je door de computer
laat doen en wat niet. Een concert met een voltallige
live band lijkt me interessant maar dan zullen de
kosten uiteraard omhoog gaan. Tijdens E-Live 2002
werkte ik met een camera die op mijn handen gericht
was. Tot op dat moment vond ik dat dit te weinig
gedaan werd tijdens concerten. Nu zie je dat wel
vaker. Dit soort festivals zijn erg belangrijk voor
de scène. Vooral om contacten te leggen en/of
te onderhouden. Mensen komen er niet meer louter
om CD’s te kopen nu dat gemakkelijk gaat via
het Internet. Daarentegen is Internet ook voor de
elektronische muziek een onmisbare communicatiebron
geworden.”
Hoe ben je terechtgekomen
bij het Groove-label?
“Mijn eerste album “Colours” maakte
ik in opdracht van Sony Belgium. Het moest een soort
mix worden tussen Deep Forest en new age. Toen het
project vorderde, werd het eigenlijk te elektronisch
en ging de deal niet door. Ik ben er vervolgens
zelf mee verder gegaan en heb de CD gedistribueerd.
Aangezien Groove veel exemplaren van “Colours”
voor me heeft verkocht en ze de grootste zijn op
dit terrein, kwam ik bij hen terecht. Ron Boots
werd bij me in de studio uitgenodigd toen ik aan
“Geographic” werkte, was onder de indruk
en sindsdien bij ik bij hen gebleven. Mijn platen
lopen best goed: Groove dient steeds een tweede
persing te laten maken. De samenwerking is goed:
misschien gaan Ron en ik volgend jaar muzikaal iets
samen doen.”
Heb je een bepaalde
voorkeur als het om je eigen CD’s gaat?
Da’s een moeilijke !
“Ik zou nu natuurlijk moeten zeggen: de laatste
maar ze zijn allemaal uit het hart gemaakt. “Geographic”
was een beetje de doorbraak in het EM wereldje,
maar ook “Docking” waarvan veel mensen
zeggen dat ze die de beste vinden, “Human”
is ook speciaal: een vrij opgewekte plaat.”
Tot nu toe zijn ze alle 5 anders en zal iedereen
wel zijn favoriet hebben zeker ?
Jouw muziek neemt
een vrij unieke plaats in de EM in. Wat vind je
van de kwaliteit van de EM op dit moment en zie
je lichtpunten?
“Ik zie zeker een toekomst voor deze muziek.Maar….
ik vind het wel belangrijk dat mensen niet oeverloos
de Berlijnse School blijven kopiëren want dat
heb ik zo langzamerhand wel gehoord. Iemand die
bijvoorbeeld wel iets leuks doet met de invloeden
uit de Berlijnse School is Gert Emmens. Het is volgens
mij dus zeer belangrijk dat er reviewers zoals jij
zijn die op een objectieve manier en met kennis
van zaken voor de consument als het ware het kaf
van het koren scheiden.”
|